Skip to main content

Boek 7 BW: Bijzondere Contracten- kernpunten en belangrijkste wijzigingen.

Materies

 De hervorming van het Belgische Burgerlijk Wetboek zet zich door met het voorgestelde Boek 7 “Bijzondere contracten”. 

De regels rond koop, huur, aanneming, lastgeving en andere contractsvormen worden herwerkt en sluiten aan bij de modernisering van het verbintenissenrecht welke reeds eerder doorgang vond in boek 5 van het nieuwe burgerlijk wetboek.

De bedoeling is geen breuk met het bestaande recht, maar wel een meer coherente, duidelijke en systematische regeling van vertrouwde principes.

De nieuwe bepalingen zijn in beginsel van aanvullend recht, zodat partijen nog steeds contractueel kunnen afwijken, behoudens waar dwingende regels gelden.

Duidelijkere afbakening tussen koop en aanneming ( dienstencontract)

Een belangrijke vernieuwing is de expliciete afbakening tussen koop en dienstencontracten. 

Een overeenkomst voor de levering van een nog te vervaardigen roerend goed wordt in principe als koop beschouwd. 

Wanneer de opdrachtgever echter een wezenlijk deel van de grondstoffen aanlevert of wanneer het werk specifiek op maat wordt uitgevoerd, gaat het om een dienstencontract.

Voor de bouwsector is ook van belang dat overeenkomsten waarbij een bouwwerk wordt opgericht en tegelijk een zakelijk recht op een onroerend goed wordt overgedragen, als koop worden gekwalificeerd. 

Dit heeft directe gevolgen voor de toepasselijke regels inzake aansprakelijkheid en risicoverdeling.

Nieuw conformiteitsbegrip in het kooprecht

Een fundamentele wijziging is de invoering van een eengemaakt conformiteitsbegrip. Het onderscheid tussen zichtbare en verborgen gebreken verdwijnt. 

De verkoper moet een goed leveren dat beantwoordt aan het contract en aan wat de koper redelijkerwijze mag verwachten.

De verkoper is enkel aansprakelijk voor gebreken die bij de levering minstens in de kiem aanwezig waren, ongeacht of deze pas later aan het licht komen. 

Gebreken die ontstaan na de levering vallen buiten dit regime. 

In bepaalde gevallen, zoals bij consumentenkoop, blijft een vermoeden van non-conformiteit bestaan gedurende een bepaalde periode na levering.

Drie termijnen bij conformiteitsgebreken

Het nieuwe systeem werkt met drie duidelijke termijnen. 

-Eerst is er een vrijwaringstermijn van tien jaar vanaf de levering, waarbinnen het gebrek zich moet manifesteren. 

-Vervolgens moet de koper het gebrek binnen een redelijke termijn melden na ontdekking. 

-Ten slotte verjaart de rechtsvordering twee jaar na die kennisgeving.

Dit zorgt voor meer rechtszekerheid en vervangt het vroegere systeem waarbij enkel een een korte termijn na ontdekking werd gehanteerd.

Eigendomsoverdracht en risico-overgang bij onroerende verkoop

Bij de verkoop van onroerende goederen wordt wettelijk bevestigd dat de eigendom pas overgaat bij het verlijden van de authentieke akte, tenzij partijen anders overeenkomen. 

Ook de risico-overgang volgt in principe datzelfde tijdstip.

Hiermee wordt de bestaande praktijk veralgemeend en wordt vermeden dat partijen dit telkens uitdrukkelijk in hun overeenkomst moeten opnemen.

Verkoop van andermans goed

De verkoop van andermans goed leidt niet langer automatisch tot nietigheid. 

De verkoop blijft geldig, maar de verkoper is gehouden tot vrijwaring voor uitwinning. 

De koper kan zich wel nog beroepen op andere nietigheidsgronden zoals bedrog of misbruik van omstandigheden.

Benadeling bij verkoop van onroerend goed

De regels inzake benadeling bij verkoop van vastgoed blijven behouden, maar worden aangepast. 

De drempel wordt vereenvoudigd van “meer dan 7/12”  tot zestig procent van de werkelijke waarde, wat een bijkomende bescherming biedt voor de verkoper.

De beoordeling gebeurt voortaan op het moment van de wilsovereenstemming en niet langer bij de uitvoering van de overeenkomst. 

Ook de procedure wordt vereenvoudigd doordat één deskundige kan worden aangesteld in plaats van meerdere.

Sanctieregeling bij koop

De klassieke remedies zoals herstel, vervanging, prijsvermindering en ontbinding blijven bestaan. Wel wordt benadrukt dat ontbinding of terugbetaling niet automatisch mogelijk is wanneer herstel een redelijke oplossing biedt.

De regeling sluit nauwer aan bij het algemeen verbintenissenrecht uit boek 5, waardoor meer samenhang ontstaat tussen de verschillende contractuele sancties.

Aannemingsrecht wordt ruimer opgevat als dienstencontractenrecht

Het klassieke aannemingsrecht wordt opgenomen in een ruimer kader van dienstencontracten. Dit omvat naast aanneming ook andere vormen van dienstverlening zoals lastgeving en bewaargeving.

De nadruk ligt op de correcte uitvoering van de overeengekomen prestatie, waarbij conformiteit centraal staat.

Samenwerkingsplicht tussen opdrachtgever en opdrachtnemer

Een belangrijke vernieuwing is de uitdrukkelijke codificatie van de samenwerkingsplicht. De opdrachtgever moet alle nodige informatie, instructies en toelatingen verstrekken die nodig zijn voor de uitvoering van de opdracht.

De opdrachtnemer moet op zijn beurt relevante informatie meedelen en de opdrachtgever in staat stellen de uitvoering te controleren. Hij moet instructies volgen, tenzij deze manifest onredelijk zijn. In dat geval moet hij dit melden en kan hij de uitvoering weigeren of uitvoeren onder voorbehoud.

Deze regeling wordt aangevuld met een waarschuwingsplicht wanneer instructies onduidelijk of ongeschikt zijn.

Coördinatie bij meerdere opdrachtnemers

Wanneer meerdere opdrachtnemers betrokken zijn bij eenzelfde project, rust op de opdrachtgever een verplichting tot coördinatie. Hij kan deze taak zelf uitvoeren of toevertrouwen aan één van de opdrachtnemers.

Indien de coördinatie tekortschiet en andere opdrachtnemers daardoor schade lijden, kan de opdrachtgever daarvoor aansprakelijk worden gesteld.

Duidelijkheid over aansprakelijkheid en gebreken in aanneming

Voor dienstencontracten wordt gewerkt met een conformiteitstermijn van tien jaar vanaf de aanvaarding van de werken. De opdrachtgever moet gebreken binnen een redelijke termijn melden.

Bij verborgen gebreken volstaat een tijdige kennisgeving. Het is niet langer vereist om onmiddellijk een rechtsvordering in te stellen. Na de melding beschikt de opdrachtgever over een termijn van twee jaar om een procedure op te starten. Deze termijn kan worden geschorst tijdens onderhandelingen of deskundigenonderzoek.

Aanvaarding van de werken

De aanvaarding van de werken wordt duidelijker geregeld en kan zowel uitdrukkelijk als stilzwijgend gebeuren. De opdrachtgever kan de aanvaarding weigeren of onder voorbehoud uitvoeren wanneer ernstige gebreken aanwezig zijn.

Daarnaast wordt de praktijk van voorlopige en definitieve oplevering wettelijk erkend. Deze dubbele oplevering blijft verplicht in bepaalde sectoren zoals woningbouw.

Ongekende omstandigheden en prijsaanpassing

Een belangrijke vernieuwing is de wettelijke verankering van de leer van ongekende omstandigheden. Wanneer de uitvoering van een contract door vooraf bestaande maar onvoorzienbare omstandigheden buitensporig bezwarend wordt, kan de opdrachtnemer een heronderhandeling vragen.

Indien geen oplossing wordt bereikt, kan een aanpassing van de prijs of een beëindiging van het contract worden gevorderd. Deze regeling verschilt van de imprevisieleer, die betrekking heeft op nieuwe omstandigheden die zich voordoen na het sluiten van het contract.

Veiligheidsplicht van de opdrachtnemer

De opdrachtnemer krijgt een expliciete veiligheidsplicht. Hij moet alle redelijke maatregelen nemen om schade aan personen, goederen of het milieu te vermijden. Dit impliceert dat hij zich vooraf grondig informeert en zijn werkwijze aanpast aan de risico’s van de opdracht.

Rechtstreekse vordering en positie van hulppersonen

De wet verduidelijkt dat hulppersonen die niet betaald worden, een rechtstreekse vordering kunnen instellen tegen de opdrachtgever. Dit principe wordt uitgebreid tot alle dienstencontracten en niet enkel tot de bouwsector.

Waarom dit voor cliënten en ondernemers relevant is

De hervorming van Boek 7 heeft een directe impact op de praktijk van koop- en aannemingsovereenkomsten. Zij beïnvloedt de redactie van contracten, de aansprakelijkheid van partijen en de manier waarop geschillen worden beoordeeld.

Vooral in de bouw- en vastgoedsector zijn de gevolgen aanzienlijk. De nieuwe regels raken de kern van veel voorkomende discussies, zoals gebreken, prijsaanpassingen, oplevering en risicoverdeling.

Besluit

Het voorgestelde Boek 7 moderniseert grondig het recht van de bijzondere contracten. In het kooprecht ligt de nadruk op conformiteit, duidelijke termijnen en een aangepaste regeling van eigendom en risico. In het aannemingsrecht zorgen de uitbreiding naar dienstencontracten, de codificatie van samenwerkingsverplichtingen en de regeling van ongekende omstandigheden voor meer duidelijkheid.

Hoewel de inwerkingtreding nog moet volgen, is het aangewezen om nu al rekening te houden met deze evolutie bij het opstellen en beoordelen van contracten.

Maak nu een afspraak